Hoe cultiveer ik een cultuur van verwondering en nieuwsgierigheid?
In rijke rekenlessen is een klassencultuur van verwondering en nieuwsgierigheid een belangrijke motor voor wiskundig denken. Nieuwsgierigheid bij leerlingen ontstaat als er iets gebeurt wat onverwacht, verrassend of onduidelijk is en wat vragen oproept. Dit is een belangrijk aspect van een wiskundige attitude waarin leerlingen openstaan voor vragen, durven twijfelen, willen onderzoeken, en creatief en kritisch kunnen denken. Je ontdekt hoe je hierin als leerkracht een voorbeeldrol kunt spelen door zelf nieuwsgierig en onderzoekend te zijn, vragen te stellen en verwondering zichtbaar te maken, waardoor deze houding wordt voorgeleefd en versterkt in de klas.
- Tellen als rijk probleem: De leerkracht introduceert de telactiviteit met een foto van een glazen vaas gevuld met paaseitjes, die direct nieuwsgierigheid en verwondering oproept bij de leerlingen uit groep 3-4. Tegelijkertijd straalt de leerkracht zelf ook enthousiasme en verwondering uit, wat aanstekelijk werkt (video 1).
- Krantentaal: De leerkracht confronteert de leerlingen uit groep 6-7 met een probleem door te vragen: ‘Hoe kan het dat er in alle berichten iets anders staat?’ Hierdoor worden leerlingen uitgedaagd tot kritisch denken (video 1).
- Breukenstroken van de bakker: Het verhaal over het probleem van de bakker geeft voldoende aanleiding om leerlingen spontaan aan het denken te zetten over het maken van meetstroken. Leerlingen laten hierbij creatief en kritisch denken zien door te experimenteren en verschillende aanpakken te proberen (video 1 en 2).
- Schatten of het klopt: Tijdens de rondgang door de klas reageert de leerkracht op de aanpakken van de leerlingen en toont daarbij haar eigen nieuwsgierigheid (video 4).
- Zelf een grafiek maken: De leerlingen ontdekken verschillende aspecten van grafieken en tonen nieuwsgierigheid terwijl ze samen onderzoeken hoe ze de onjuiste grafieken kunnen corrigeren (video 4).
Bij deze videofragmenten kun je de volgende kijkvragen gebruiken:
- In hoeverre moedigt de leerkracht de leerlingen aan om zelf vragen te stellen en nieuwsgierig te zijn?
- In welke mate worden de leerlingen aangemoedigd om te experimenteren met nieuwe ideeën en oplossingsstrategieën, zelfs als dat leidt tot fouten?
- Op welke manier fungeert de leerkracht als rolmodel en toont het zelf nieuwsgierig en onderzoekend gedrag?
- Wat doet de leerkracht om creatief en kritisch denken te bevorderen? Hoe worden de leerlingen aangemoedigd om buiten de gebaande paden te denken?
- Hoe merk je aan de leerlingen dat er in de klas een cultuur is van nieuwsgierigheid en verwondering?
- Wat denk je dat er in de periode voorafgaand aan de les is gebeurd om deze cultuur te ontwikkelen?
Vaktaal
Leg in je eigen woorden uit hoe de onderstaande vaktaalwoorden tot uiting komen in de getoonde praktijkvoorbeelden. De lijst is niet uitputtend; voeg zelf andere relevante begrippen toe die je kunt gebruiken om dit onderwerp te analyseren.
- Creatief denken – het bedenken van nieuwe of niet-standaard oplossingsstrategieën en het durven loskomen van vaste werkwijzen binnen wiskundige problemen.
- Kritisch denken – het bevragen, analyseren en onderbouwen van redeneringen en oplossingen.
- Voorleven van wiskundig oplossingsgedrag – de leerkracht laat zien hoe nieuwsgierig, creatief en kritisch wiskundig denken eruitziet in de praktijk.
- Wiskundige attitude – de houding van leerlingen waarin zij nieuwsgierig zijn, vragen stellen, durven onderzoeken, openstaan voor nieuwe wiskundige ideeën en willen begrijpen en leren.