Wat doe ik met illustraties, foto’s, filmpjes en dergelijke?
Met illustraties, foto’s en filmpjes kun je de buitenwereld naar binnen halen. Ze maken zichtbaar waarom een wiskundig probleem relevant en het onderzoeken waard is. Je ontdekt hoe leerlingen die relevantie herkennen en gebruiken bij het oplossen van problemen of het uitleggen van wiskundige concepten.
- Eerlijk delen: De leerkracht uit groep 1-2 vertelt een verhaal aan de hand van een digitaal prentenboek op het digibord (video 1 en 5).
- Joris, de kok en de klok: De leerkracht vertelt een verhaal over koksmaatje Joris aan de hand van tekeningen op het digibord (video 1 (groep 3 en 5)).
- Een winkel vol: De leerkracht van groep 4 gebruikt een praatplaat om de relatie tussen vermenigvuldigen en herhaald optellen aan de orde te stellen (video 3).
- Leren van een les: De leerkracht van groep 7 opent de les met informatie over de zonnebloem en gebruikt daarbij foto’s en een illustratie van de groei van de zonnebloem (video 1).
Bij deze videofragmenten kun je de volgende kijkvragen gebruiken:
- Zien leerlingen de relevantie van de illustraties voor de leerstof? Waaruit kun je dat afleiden?
- In hoeverre gebruiken leerlingen de illustraties als hulpmiddel bij het oplossen van problemen of het uitleggen van concepten?
- In hoeverre helpen de illustraties om verbanden te leggen tussen verschillende onderwerpen?
Vaktaal
Leg in je eigen woorden uit hoe de onderstaande vaktaalwoorden tot uiting komen in de getoonde praktijkvoorbeelden. De lijst is niet uitputtend; voeg zelf andere relevante begrippen toe die je kunt gebruiken om dit onderwerp te analyseren.
- Context bieden – visuele bronnen maken wiskundige situaties herkenbaar en betekenisvol door ze te verbinden met de wereld om ons heen.
- Interpreteren van visuele informatie – leerlingen halen relevante wiskundige informatie uit beelden en bepalen wat van belang is voor het oplossen van problemen.
- Representeren van wiskundige situaties – beelden geven een visuele weergave van wiskundige concepten, structuren of relaties.
- Ondersteunen van wiskundig redeneren – leerlingen gebruiken visuele bronnen om hun aanpak te onderbouwen en hun denken uit te leggen.
- Stimuleren van kritisch wiskundig denken – leerlingen beoordelen welke informatie uit beelden relevant is en hoe deze gebruikt kan worden in een wiskundige context.